Voor Monet in Giverny neerstreek, had hij al een turbulent leven achter de rug. Zijn militaire dienstplicht vervulde hij in Algerije en door de Frans-Duitse oorlog in 1870 – 1871 ontvluchtte hij Frankrijk en verbleef een half jaar in Nederland. Door dit uit nood geboren verblijf in het buitenland maakte hij kennis met het weidse karakter van de woestijn en de polder. Hij ontwikkelde een voorkeur voor het-buiten-schilderen waarbij hij het unieke licht – dat op ieder dagdeel anders was – probeerde te vangen. Het leidde tot een grote hoeveelheid schilderijen over hetzelfde onderwerp.

    Op elk uur van de dag was het licht anders.

Impressie betekent ‘indruk’. De vorm van het geschilderde bleef vaag omdat het licht door de menging van kleuren beter tot zijn recht kwam. Bijvoorbeeld een blauw en geel streepje wordt op afstand door het oog vermengd tot groen. Waarschijnlijk ontwikkelde Monet in een vroeg stadium staar. Deze oogziekte ontstaat door suikerziekte of een verhoogde druk van het vocht in de oogbol. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat zijn wijze van schilderen voortkwam uit zijn oogziekte. Naarmate hij ouder werd, kregen de vormen in zijn schilderijen een vager contour en zag hij kleuren die je met een gezond oog niet waarnam.

 Fleur, Tom en Lies, het beroemde bruggetje op de achtergond.

In de 19de eeuw was de Parijse Salon dé toonaangevende tentoonstelling van Frankrijk en Europa. De kunstenaar die daar exposeerde, had het gemaakt. Een jury besliste welke schilderijen tentoongesteld mochten worden. De criteria waren traditioneel van aard: het liefst thema’s uit de antieke oudheid of de bijbel op realistische wijze geschilderd. Over de afgewezen schilderijen ontstond veel discussie. Keizer Napoleon III gelastte deze ten toon te stellen in de Salon de Refuses. Zij kregen een stempel met de letter R. van Refusé. Werken van de impressionisten Monet, Cézanne, Jongkind en Pissarro kwamen daar te hangen om bekritiseerd en bespot te worden. Op een gegeven waren echter de bezoekersaantallen in de Salon de Refuges beduidend hoger dan die van de Parijse Salon. Het betekende de doorbraak en erkenning van het impressionisme.

Ook in persoonlijke zin zorgde Claude Monet voor ophef. In 1870 was hij getrouwd met Camille Doncieux met wie hij 2 zonen kreeg: Jean en Michel. In 1879 stierf zijn vrouw en vormde Claude Monet met Alice Hoschedé en haar echtgenoot Ernest een zeker voor die tijd schandaal verwekkende menage-a-trois: een gezin met 3 volwassenen en 8 kinderen. Niet alleen keerden vele collega-schilders zich van hem af, maar ook in Giverny – waar zij zich in 1883 vestigden – zorgde het voor roddel en achterklap. Na de dood van Ernest trouwde Claude met Alice en kort daarna Michel met Blanche, een dochter van Alice. De wereld leek te klein in het dorpje.

In de tweede helft van de 19de eeuw kwamen in West-Europa Japanse tuinen in de mode. De filosofie erachter was dat naar taoïstisch gebruik de bezoeker tijdens de wandeling tot innerlijke reflectie kwam. Heuveltjes, bomen, mos, watervallen, rotsen, vijvers, eilanden en bruggetjes suggereerden een natuurlijk landschap. Monet zelf ontwierp een Japanse watertuin waar een riviertje zorgde voor een natuurlijk evenwicht waarin waterlelies goed gedijden. Hier heeft hij op latere leeftijd enkele van zijn meesterwerken geschilderd zoals Nymphéas. Naarmate hij ouder werd nam zijn zicht af en de productie van impressionistische schilderijen toe.

Het huis waarin Monet tot zijn dood in 1923 woonde, is op natuurlijke wijze ingebed in de tuin. Zijn zoon Michel die het geheel erfde, onderhield het in de oorspronkelijke staat en schonk huis en tuin in 1966 aan de Académie du Beaux-Arts. In 1980 werd het opengesteld voor het publiek. Huis en tuin geven de bezoeker een goede indruk van de sfeer waaronder de schilderijen van Claude Monet tot stand kwamen. Het bruggetje had een grote aantrekkingskracht op Cas, Lies, Fleur en Tom en de Japanse prenten benadrukten het negentiende-eeuwse karakter van het huis.

 Bij de Japanse prenten, vooral Lies was zeer geïnteresseerd.

In 2015 is er een literaire thriller verschenen van de hand van Michel Bussi, Zwarte Lelies. Het speelt zich af in Giverny, met name rond de vijvers van Monet. Als thriller vond ik het boek te ingewikkeld en langdradig. Maar Monets-bewonderaars en francofielen kunnen ongetwijfeld hun hart ophalen.

* Na het verongelukken van Ben in 1992 en de chemokuren van Cas in 1999 kwam bij Beppie en mij het besef dat het leven NU geleefd en beleefd moest worden en niet later. Later komt misschien niet meer. Later is misschien te laat. Tot 2010 hebben we in de vakanties Europa afgereisd op zoek naar de wortels van de Europese beschaving en prachtige avonturen beleefd met Thijs, Cas, Lies, Fleur en Tom. Cas overleed in 2009. In 2011 zijn Beppie en ik uit elkaar gegaan.

Van 15 – 26 juli 2003 bereisden we Noord-Frankrijk met als einddoel Het Tapijt van Bayeux en de invasiestranden van Normandië. Op 22 juli bezochten we Giverny.

De foto’s komen uit de familie- en individuele kinderalbums. De gegevens uit mijn dagboeken 1984 -2010 en het internet.